Kwartier (2 van 3)

In mijn hoofd gaan ineens allemaal gedachten: uh, derde verdieping, uh 15 minuten vanaf nu, moeten hier nu mijn kleren uit? “Dus, doe je het?” vraagt ze uitdagend. “Of durf je niet, met je grote mond?” In mijn verwardheid en door de opgevoerde druk, stel ik de meest voor de hand liggende vraag die tegelijk ook de meest gevaarlijke is… “Moet ik dan nu hier mijn kleren bij je inleveren?”
“Ja, dat zei ik toch,” zegt ze strak met een stoute grimas. “En als je niet binnen tien seconden begint, dan mag je pas over twintig minuten binnenkomen in mijn kamer.”
“Maar wat moet ik in dat komende kwartier doen dan,” stamel ik.
“Tien… negen… acht…” zegt ze.
Ik begin mijn schoenen uit te doen. Gelukkig zitten we in een rustig zithoekje van het bargedeelte, dicht bij de deur.
“Goed bezig mannetje,” pest ze. “Maar wel sneller, ik heb niet heel de dag.”
Schoenen uit. Sokken uit. Dan knoop ik mijn overhemd open. Meteen komt een van de serveersters vragen of we nog wat willen drinken.
“Zou je over 15 minuten een fles koude bubbelwijn kunnen brengen naar mijn kamer op de derde”, vraagt ze aan de serveerster. “En voor hem nog een verse muntthee, die drinkt hij hier op, dan ruikt hij tenminste fris uit zijn grote mond. Zet alles maar op mijn rekening.”
Ik kijk verschrikt en vraag: “Hoe dan?”
“Dat is jouw probleem,” lacht ze. “Ik betaal wel. Dit is een goede show. En nu dat overhemd uit. Als je niet in de komende minuut alle kleren aan mij hebt gegeven, dan stop ik ermee. Oh ja, en geef je tas ook mee.”

Ik kleed me uit, overhandig mijn kleren en tas aan haar. Ze staat op, kijkt me indringend aan en wijst om mijn huidige status. “Zo zie ik ze graag. Naakt en wanhopig. Tot over een kwartier en geen minuut eerder” en weg is ze. In het zithoekje liggen een paar kussens maar dit is nooit genoeg om mij te blijven bedekken. De serveerster komt er ook al aan. En ze kijkt not amused. “Dit kan echt niet meneer,” zegt ze terwijl ze de verse muntthee voor me neerzet. Ik stamel… “Ze daagt me uit om dit te doen… uh… kun je me alsjeblieft helpen door niks tegen anderen te zeggen?” Ze twijfelt, kijkt om zich heen en stemt in, onder de voorwaarde dat ik me zo snel mogelijk uit de voeten maak.